Vlinders vangen 5/x (Campingkapitalisme)

–Deze serie is een oefening in schrijfproductie ten behoeve van het later kunnen redigeren in het kader van het experiment en de vooruitgang en de verheffing van het proletariaat–

Wat heb ik dan wel gelezen uit het filosofiecanon? Ik heb Wittgenstein gelezen, ik dacht Filosofische onderzoekingen, in het kader van die Minor dat dan nog wel, en ook Kuhn, De structuur van wetenschappelijke revoluties, maar die heb ik nog niet uit. Fris hè, iemand die eerlijk is over wat hij daadwerkelijk heeft gelezen van de boeken die geacht worden gekend te zijn? Maar wat ik ook heb gelezen is Occidentalisme, een tegenhanger, weer die gemakkelijke antonimisering, van Orientalisme. Nu krijg ik Occidentalisme wel eens binnen in mijn antiquariaat, vandaar dat ik hem heb gelezen, maar de oorspronkelijke Orientalisme van Said? Zo vaak geciteerd dat je er duizelig van wordt? Nooit never jamais niemals. Terwijl Occidentalisme 30 keer wordt aangeboden op boekwinkeltjes.nl is Said alleen nieuw te krijgen.

Wat ik wel heb binnengekregen is Geschiedenis van de Vrouw, een referentiewerk dat door groepsbegeleiders die een kudde bachelorstudenten naar de groene weiden van de kennis schijnen te begeleiden wordt ingescand en dan vervolgens door die bachelorstudenten moet worden afgedrukt en met de markeerstift in de aanslag moet worden BEGREPEN. VERSTEHEN, verstaan? Dit is dus niet een filosofische tekst, want die kunnen wij stervelingen niet eens verstehen, zelfs die phd’ers en postdocers die de kleuterklas mogen begeleiden verstehen die geeneens, nee dit is een tekst van een andere orde. Dit is namelijk een referentiewerk. Er zijn binnen Academia dus meerdere soorten teksten. Er zijn boeken die de wereld veranderen, maar die door niemand worden gelezen. De schrijvers hiervan worden vaak filosofen genoemd, maar ook niet altijd. Het leunt alleszins aan tegen de filosofie. Ineens is er een WOW een nieuwe manier van kijken, een paradigmashift om met Kuhn te spreken. Dan is er die massa tekst die in papers wordt gepubliceerd, waarvan sommige ook kunnen uitgroeien tot een soort basis voor verder onderzoek. Die Geschiedenis van de Vrouw, van Bloch, is zo’n soort boek met allemaal losse teksten, die bij elkaar enorm veel worden gebruikt in klaslokalen.

Studeren bestaat eigenlijk uit twee delen: enerzijds is er het Hoorcollege. Dit is zoals in de films, een grote zaal vol rebelse jongeren, een academicus die een kwartier te laat voor het bord verschijnt, wat tegenwoordig eigenlijk altijd een whiteboard en een projectiescherm is, en die dan een verhaal vertelt terwijl honderd laptops driftig mee proberen te typen. Aan het einde van het semester is er dan een tentamen waar je kennis wordt getest en als het de professor bevalt dan ben je geslaagd voor het vak.

Dan is er die andere kant, en dat zijn de groepslessen, de seminars, worden ze ook vaak genoemd. Dit lijkt wel een beetje op de middelbare school. Je zit weer in een kleine klas in een kringetje, aan het hoofd zit vaak iemand die maar een paar jaar ouder is dan jijzelf, een PhD’er of postdocer die al iets hoger op de pyramide staat maar nog lang, heel lang niet zo hoog als de professor van die hoorcollege, en elke week krijg je huiswerk mee.

De forten zijn in de verdediging. Dit is de hoogte, de High Ground. Wanneer we het hebben over links en rechts bedoelen we misschien boven en beneden. De instituten, de forten, zijn ontoegankelijk. Zichtbaar, maar ontoegankelijk. Voor de toneelschool en het conservatorium moet je auditie doen, manuscripten die naar bekende uitgevers worden gestuurd belanden op de slush pile en voordat je professor bent ben je je hele leven met niets anders bezig geweest dan klimmen en kruipen. De Forten hebben veel te verliezen maar weinig te winnen. Daarom lijkt het alsof alles dat nieuw is automatisch rechts is. Als ik naar een linkse podcast wil luisteren dan ben ik bijna veroordeeld tot De Standaard of De Volkskrant voor het authentieke linkse geluid vanuit de bovenkamer, ofwel De Correspondent, dat een afsplitsing is van NRC, oftewel podcasts die heel expliciet en nadrukkelijk blijven roepen dat ze links zijn. Maar alles wat nieuw is, alles wat daardwerkelijk ‘van beneden’ komt, van podcasts tot papieren kranten, heeft automatisch de verdenking van rechts te zijn. Het is volks. Zo komen we dus tot ‘links’ is cultuurmarxistisch, is hoog, terwijl rechts is niet-cultuurmarxistisch, is laag. Het culturele kapitaal van Bordieu is voor cultuurmarxisten het enige kapitaal dat er toe doet.

Zo komen we op de casus Peter Gillis. Gillis is een ondernemer, investeerder en grootgrondbezitter met een geschat vermogen van 40 miljoen euro. Een kapitalist dus, in het klassieke schema het soort symbool waartegen het proletariaat zich moet verzetten, zijn grond moet worden afgepakt en teruggeven aan het collectief (bijvoorbeeld, de vaste bewoners van zijn vakantieparken). Van dit schema is vandaag de dag niets te bespeuren.

Hij is bekend van het televisieprogramma “Massa is Kassa”, op de Nederlandse zender SBS6. De zweem van SBS6, camping/vakantieparkcultuur, snackbarcultuur en plat ondernemerschap maken van Gilis en zijn publiek vanuit cultuurmarxistische blik ‘laag’. Het sociologische veld Gillis is lage cultuur, terwijl Gillis vanuit het klassieke marxisme bezien, als grootgrondbezitter, gezien zou worden als een kapitalist. Met de casus Gillis in de hand kunnen we zeggen dat sinds mei ‘68 en de culturele wending er niet een soort aanvulling op, of verandering van focus heeft plaatsgevonden maar een totale omkering. De Frankfurter Schule heeft Marx niet aangevuld, maar omgedraaid. De hoogopgeleiden zijn de nieuwe armen, de loodgieters de nieuwe rijken. Maar om dat te ontkennen wordt het schaakspel omgedraaid en komt er een nieuw bord op tafel te staan. Marx en Engels mogen blijven bestaan, maar de uitleg is nu anders, op zo’n manier voorgesteld dat de studenten in de collegezaal niet tot het proletariaat horen maar tot de bourgeoisie. Of liever, tot een rijke traditie behoren van studenten, artistieke studenten, artistieke activistische studenten, die aan het voorfront van de verandering staan.

Als we de vlinder proberen te vangen dan proberen we ook die ongemakkelijke waarheid onder woorden te brengen. Schreeuwen om cultuur om de eigen knorrende maag niet te hoeven horen.

Het Instituut als vaandel. Wie mag schrijven voor een gerenomeerd blad, uitgever, krant of werkt voor een bekend museum of in een galerij of een ander kunst- of cultuurmerk heeft in zich de macht die past bij het instituut. Dit is anders in de privésector, in het vermaledijde kapitalisme, dat neoliberalisme. Oostappen Groep Vakantieparken is geen instituut, het is een verzamelnaam voor een bundel stichtingen en BV’s. Een nietszeggend lemma in het register van bedrijfsnamen. Er zijn wel marketingnamen, of merken, in de privé. Zoals Opel. Opel is gewoon een naam die op een auto wordt geplakt, waarvan de onderdelen uit dezelfde fabrieken komen als andere auto’s. Opel is geen instituut maar een merk, dat elk jaar opnieuw moet vechten voor zijn bestaansrecht. Mensen kunnen niet voor Opel werken, omdat de marketing wordt gedaan door een marketingbureau dat ook Pepsi en Cola doet, terwijlde assemblage wordt gedaan door een fabriek die ook Audi en Renault doet en het transport door een … envoort. Als BMW drie of vier jaar achter elkaar meer auto’s verkoopt dan Opel, dan verdwijnt Opel in de vergetelheid, komt Tesla daarna die toppositie kapen dan is er van BMW niets over en als BYD rake klappen uitdeelt aan Tesla dan is het daarmee ook snel gedaan. Er zijn geen instituten in de vrije markt, waar de klant altijd het laatste woord heeft op een bijna, ik durf het haast niet te zeggen, democratische wijze.

Maar een instituut, een museum of een krant, dat is een ander verhaal. De banken waren Too big Too Fail in 2008 maar instituten zijn Too Loved to Fail. Ze worden overeind gehouden, niet omdat ze door financieringen te verweven zijn in de economie, maar omdat ze door liefde teveel verweven zijn met de psychologie van het volk. Conservatie. Vasthouden aan het bekende en angst voor het onbekende. Dit is de drijfveer.

De meisjes die voor een bekende uitgever werken en de jongens die contrabas spelen in een bekend orkest zijn met handen en voeten verbonden aan een instituut. Er is buiten het instituut niets waar ze eigenwaarde uit halen. Die postdocer die al zijn hele leven verbonden is aan de universiteit heeft niets buiten de muren van de alma mater. Geen hypotheek geen carriere geen kinderen geen voetbalclub. Die kan niet zo maar even een eigen bedrijf oprichten of solliciteren voor een simpele job als orderpicker of IT’er of boekhouder want het inwerken in dat instituut vergt ook een zeker afstand tot de normale wereld. Het instituut wordt gevoed door die Minister Van Cultuur en heeft met de buitenwereld niets te maken. Niet als klant, niet als concurrent. Die buitenwereld wordt op afstand gehouden met die Bourdieuaanse codes. De vlinder is ook een vorm van conditionering: buiten de poort staan de barbaren, de PVV’ers, de Trumpisten de saaie boekhouders, de domme arbeiders, de boeren, de autistische technici, de gehaaide zakenmannen, de zeelui, de bouwvakkers, de racistische politiemannen, de natuurvervuilende vrachtwagenchauffeurs, de kasteloze schoonmaaksters, de doorgestudeerde dokters, de overwerkte verpleegsters. Ons soort mensen zoekt elkaar op, houdt elkaar vast, troost elkaar. Met kunst en cultuur.

Ik word misschien wel gezien als Hoog of Links binnen het schema van de vlinder. Artistiek, hoogopgeleid en activistisch. Ik zou bij al die termen een asterisk kunnen zetten maar in de ogen van de overgrote meerderheid die gewoon dakwerker is of voor Deloitte werkt of aan dropshipping doet voldoe ik wel aan dat beeld van die vlinder. Maar wat ik ontbeer is die angst voor het onbekende, die zo noodzakelijk is om vastgeketend te blijven aan dat vaandel van het instituut. Belgen noemen katholieken pilarenbijters: vastklampers aan de dogma’s van de Kerk. Het kloppen op de poort wel horend, maar zich doofstom voordoend, blijvend bijtend, de tanden uit de mond vallen horend.

Met een verminderde angst voor het onbekende ben ik na en tijdens mijn studie in de verkoop beland en daarna in de boekhouderij maar ook in de schoonmaak van toiletten en het ondernemerschap. Met mijn verminderde angst voor het onbekende ben ik op talloze plekken geweest, zowel in de fysieke als in de digitale wereld, waar anderen voor terugdeinzen. Met mijn verminderde angst voor het onbekende heb ik de kerk van mijn ouders verlaten en ook mijn vaderland vaarwel gezegd. Verandering is een constante in mijn leven, maar dan wel verandering in daad en niet in woord. De verandering in woord is een wezenskenmerk van de vlinder, die zich daarmee in hetzelfde taalgebied als de changemanager uit de privesector begeeft, een analogie die ik ook terugvond ik Text zur Kunst. Verandering preken, behoud doen.

“But what we find, here, are precisely the ideas that are laid out in managerial training manuals. People in the advisory role – Gramsci called them “the organic intellectuals of capital… this is the language of capital”

Zakendoen in Vlaanderen

Op een dag had ik een opdracht om een video te bewerken, die ik aan het neefje van mijn vriendin ging geven, omdat hij student audiovisuele media was. Om gevoel te krijgen bij hoeveel ik hem ongeveer moest betalen had ik een oproepje geplaatst op een freelancewebsite, waar veel Nederlandse freelancers op actief waren. Maar…

De macht van de historicus

Geschiedenis is de studie van verhalen die feitelijk zouden moeten zijn. Geschiedenis is niet, zoals je zou denken, de studie naar het verleden. Talloze studies houden zich bezig met het verleden. Archeologie, bijvoorbeeld, bestudeert het menselijke verleden aan de hand van bodemvondsten. Geologie bestudeert het verleden aan de hand van de bodem zelf. Genealogie bestudeert…

De lucht is groen!

Ik was net aangenomen op mijn eerste baan als verkoper van video’s en daar was een afvalrace aan voorafgegaan waarbij ik dus als één van de winnaars uit de bus was gekomen en om dat te vieren ging ik in mijn eentje nog een flink potje zuipen waarbij de nacht eindigde op de bovenste verdieping…

Plaats een reactie